Een belangrijke eerste stap naar herstel
Voor de begroting van 2027 is er een duidelijke intensivering voor internationale samenwerking. Komende drie jaar komt er 1,1 miljard bij. Dit bedrag is een belangrijk begin. Juist in een tijd van toenemende humanitaire crises, klimaatgerelateerde rampen, voedselonzekerheid en mondiale instabiliteit is deze extra investering hard nodig.
Sinds de ontkoppeling twee jaar geleden door Kabinet Schoof stagneerde het ODA-budget in plaats van dat het langzaam groeit naar 0,7%. De ambitie van stappen richting de 0,7% lazen we ook al terug in het coalitieakkoord. Hoewel deze injectie een goede stap is blijft structureel herstel van de systematiek uit. Internationale samenwerking vraagt om langetermijninvesteringen en voorspelbaarheid, en een visie die verder kijkt dan één regeerperiode. Hierdoor bestaat het risico dat de uitgaven voor internationale samenwerking elke jaar weer een politiek twistpunt worden, wat geen recht doet aan het belang van internationale samenwerking.
De erfenis van het vorige kabinet werkt verder door. De bezuinigingen van 2,4 miljard per jaar gaan vanaf dit jaar in en werken ook volgend jaar door op de Miljoenennota. Met dit extra geld wordt effectief 25% van de bezuinigingen hersteld. Hoewel het een eerste stap richting de 0,7% is, onderstreept Partos dat meer echt nodig is.
Laat ontwikkelingsimpact leidend zijn
Investeren in ontwikkelingssamenwerking is bijdragen aan een stabielere, veiligere en rechtvaardigere wereld. Dat is in het belang van mensen wereldwijd én van Nederland. Het kabinet stelt heldere prioriteiten met het extra geld voor onder meer Oekraïne, versterking van het maatschappelijk middenveld en internationaal klimaatbeleid. Partos is blij met de extra aandacht voor de samenwerking met maatschappelijke organisaties, hun betrokkenheid is essentieel bij de vormgeving en uitvoering van ontwikkelingsbeleid. Zij vertegenwoordigen een belangrijke stem in het publieke debat en zijn onevenredig hard geraakt door eerdere bezuinigingen.
“We zijn blij met de erkenning van het kabinet voor maatschappelijke organisaties. We waarderen de handreiking van de Minister en kijken uit naar een vruchtbare samenwerking.” – Liana Hoornweg, Directeur Partos
Wel vindt Partos dat geld dat gerekend wordt tot ODA moet worden uitgegeven aan ontwikkelingsrelevante doelstellingen. Hierbij zijn de noden en wensen van partners leidend, niet het concurrentievermogen van het Nederlandse bedrijfsleven of het realiseren van terugkeerhubs. Hoewel samenwerking tot belangrijke investeringen kan leiden, moeten er voldoende richtlijnen in dit beleid komen wat ontwikkelingsimpact duidelijk als prioriteit stelt. We zijn blij dat we deze inzet ook terugzien in de beleidsagenda bij de Miljoenennota.
Opvallend is ook het besluit dat er vanuit ODA-middelen geïnvesteerd wordt in Oekraïne. We erkennen dat een belangrijke investering vanuit Nederland nodig is, maar door deze verschuiving moet het BHOS-budget nu verdeeld worden over nog meer conflicten. Voorheen kwam deze steun, in lijn met motie Thijssen, uit de additionele middelen. Destijds steunde ook CDA en D66 dit besluit, daar lijken ze nu op terug te komen.
Komende tijd zal de besteding van deze middelen in beleid verder worden uitgewerkt. Partos blijft de uitwerking van deze plannen de komende maanden optimistisch kritisch volgen. Deze investering in internationale samenwerking is in ieder geval een belangrijke eerste stap. Partos blijft zich inzetten voor een structureel groeipad naar 0,7%, en voor een maatschappelijk middenveld dat overal ter wereld de ruimte krijgt om mee te bouwen aan een rechtvaardige, duurzame en veilige wereld.